ECLI:NL:RBZUT:2006:AY7315
Rechtbank Zutphen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Schorsing royement turncoach in afwachting van cassatieprocedure
De turncoach was door de tuchtcommissie van de Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie (KNGU) geroyeerd vanwege een strafrechtelijke veroordeling voor schuldheling en diefstal van turntoestellen. Deze veroordeling was echter nog niet onherroepelijk, omdat er nog een cassatieberoep liep. De tuchtcommissie en de Commissie van Beroep van de KNGU hadden het royement gehandhaafd.
De turncoach vorderde in kort geding dat het royement zou worden ingetrokken of geschorst totdat de Hoge Raad over zijn cassatieberoep had beslist. De voorzieningenrechter overwoog dat het royement een beroepsverbod inhoudt met verstrekkende gevolgen, mede gezien de leeftijd en ervaring van de turncoach. Het was te ver om een nog niet onherroepelijke strafrechtelijke veroordeling direct te verbinden aan het royement.
De rechtbank wees de primaire vordering tot intrekking af, maar kende de subsidiaire vordering tot schorsing toe voor de duur van een bodemprocedure over het royement. Tevens werd de KNGU veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door mr. A.E.F. Hillen op 1 september 2006.
Uitkomst: Het royement van de turncoach wordt geschorst totdat in een bodemprocedure is beslist over de tuchtrechtelijke uitspraken.