ECLI:NL:RBZUT:2006:AZ1042
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Borgerhoff Mulder
- De Bie
- Elders
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor aanranding en ontuchtige handelingen met minderjarige jongens
De rechtbank Zutphen heeft verdachte veroordeeld voor aanranding van de eerbaarheid van een volwassen man en ontuchtige handelingen met twee minderjarige jongens. De bewezenverklaring omvatte het betasten en aanraken van de billen en schaamstreek van de slachtoffers, waarbij sprake was van misbruik van fysiek en psychisch overwicht. Het primaire tenlastegelegde feit met betrekking tot binnendringen werd niet bewezen verklaard, waardoor verdachte daarvan werd vrijgesproken.
Tijdens de terechtzitting op 10 oktober 2006 werd het verzoek tot opheffing van voorlopige hechtenis afgewezen. Psychiatrisch en psychologisch onderzoek concludeerde dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar is. De reclassering adviseerde een deels voorwaardelijke straf met verplichte behandeling bij een forensisch psychiatrische instelling.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 14 maanden op, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 5 jaar. Daarnaast werd een bijzondere voorwaarde gesteld dat verdachte zich gedurende 3 jaar laat behandelen en zich gedraagt naar de aanwijzingen van de reclassering. De tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht op de straf.
De rechtbank oordeelde dat de straf passend is gezien de ernst van de feiten en de impact op de slachtoffers en de samenleving. Verdachte werd vrijgesproken van de niet bewezen verklaarde feiten en veroordeeld voor de overige ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 14 maanden gevangenisstraf waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 5 jaar en verplichte behandeling.