ECLI:NL:RBZUT:2006:AZ2669
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.P. van Baaren
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde woning en informatieverstrekking over toestanddatum
Eisers betwistten de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van hun woning per waardepeildatum 1 januari 2003, omdat de woning toen nog in aanbouw was. Verweerder had de waarde vastgesteld op € 476.000,-- terwijl eisers een waarde van € 367.159,-- voorstelden, gebaseerd op een tussentijdse beschikking per 1 januari 2004.
De rechtbank stelde vast dat verweerder voldoende rekening had gehouden met verschillen tussen vergelijkingsobjecten en dat de waardestijging tussen 2004 en 2005 niet relevant was voor de waardebepaling per 1 januari 2003. Eisers konden hun lagere waardering onvoldoende onderbouwen.
Daarnaast was het eisers pas ter zitting duidelijk dat de WOZ-waarde was vastgesteld op grond van artikel 19 lid 1 onder Pro b Wet WOZ, waarbij de toestanddatum (1 januari 2005) niet in de beschikking was vermeld. De rechtbank oordeelde dat het ontbreken van deze informatie niet leidt tot nietigheid van de beschikking, hoewel het wenselijk is de toestanddatum wel te vermelden om procedures te voorkomen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar gelastte verweerder het betaalde griffierecht aan eisers te vergoeden wegens gebrekkige informatievoorziening. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en het griffierecht wordt aan eisers vergoed.