ECLI:NL:RBZUT:2006:AZ3377
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Hoorn
- Elders
- Hemrica
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel na veroordeling voor opzetheling
De rechtbank Zutphen heeft op 29 november 2006 uitspraak gedaan in een zaak waarin veroordeelde was veroordeeld voor meermalen gepleegde opzetheling. In deze procedure stond de ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel centraal. De officier van justitie vorderde aanvankelijk een bedrag van ruim €38.000, dat zij ter zitting beperkte tot bijna €32.000.
De rechtbank heeft het voordeel vastgesteld op €17.500, gebaseerd op verklaringen van veroordeelde en dossierstukken, waarbij rekening is gehouden met gemaakte kosten van €5.000 die gelijkelijk met een medeveroordeelde in mindering worden gebracht. De rechtbank oordeelde dat het grootste deel van het ingeleverde goud afkomstig was van verduistering en slechts een klein deel van handel in sieraden.
De rechtbank wees het verzoek van de verdediging om rekening te houden met de beperkte draagkracht van veroordeelde af, omdat vermindering van het bedrag of tenuitvoerlegging van lijfsdwang in een later stadium mogelijk blijft. De veroordeelde is verplicht het bedrag van €17.500 aan de Staat te betalen, met een sanctiemogelijkheid van lijfsdwang tot drie jaar bij niet-nakoming.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht €17.500 aan de Staat te betalen ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, met mogelijkheid tot lijfsdwang bij niet-betaling.