ECLI:NL:RBZUT:2006:AZ3511
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Harreveld
- Krijger
- Hödl
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bezit van verboden wapens en munitie in woning
In deze zaak is verdachte, actief in de Nationale Reserve, veroordeeld voor het bezit van een omvangrijke verzameling wapens en munitie in zijn woning, deels afkomstig uit het leger. De wapens betroffen onder meer nabootsingen van pistolen, oefenhandgranaten, springstof en diverse soorten simulatoren en munitie.
Verdachte voerde verweren aan dat hij zich niet bewust was van de aanwezigheid van verboden wapens en munitie en dat sommige voorwerpen niet als wapens of munitie in de zin van de Wet wapens en munitie konden worden beschouwd. De rechtbank verwierp deze verweren na een gedetailleerde analyse van de aard van de voorwerpen, technische rapporten en verklaringen van verdachte. Zo werden de oefenhandgranaten als bedreigend beoordeeld ondanks hun blauwe kleur, en werd de springstof geïdentificeerd als pentaerythritoltetranitraat.
De rechtbank stelde vast dat verdachte opzet had, althans voorwaardelijk, op het bezit van de wapens en munitie, mede gelet op zijn kennis van de verzameling van zijn zoon en het feit dat hij zich niet tegen de aanwezigheid ervan had verzet. Verdachte werd veroordeeld tot een taakstraf van 100 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van vijf maanden met een proeftijd van twee jaar, mede vanwege het gevaar dat dergelijke wapens en munitie kunnen opleveren voor de samenleving en het gebrek aan normbesef van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een taakstraf van 100 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van vijf maanden wegens bezit van verboden wapens en munitie.