ECLI:NL:RBZUT:2006:AZ5125
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Breda
- Borgerhoff Mulder
- Van der Hooft
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens handel en bezit van heroïne en cocaïne met deels voorwaardelijke gevangenisstraf
De rechtbank Zutphen heeft op 22 december 2006 verdachte veroordeeld voor het meermalen verkopen en het bezit van heroïne en cocaïne in de gemeente Apeldoorn gedurende de periode van september 2005 tot september 2006. Uit het opsporingsonderzoek, waaronder telefoontaps, observaties en diverse getuigenverklaringen, bleek dat verdachte een vaste klantenkring had en een dagtaak had aan de handel in heroïne, deels vanuit zijn woning. Verdachte heeft zelf verklaard vanaf begin 2006 heroïne te verkopen, maar de rechtbank acht bewezen dat dit al vanaf september 2005 plaatsvond.
De rechtbank verwierp het verweer dat verdachte niet wist van de aanwezigheid van verdovende middelen in zijn woning. Diverse getuigen verklaarden dat zij heroïne bij verdachte kochten en dat er in zijn woning drugs werden gebruikt. De aanwezigheid van heroïne en cocaïne werd bevestigd door testrapporten. Verdachte werd veroordeeld voor het handelen in strijd met artikel 2 onder Pro B en C van de Opiumwet.
De strafmaat is vastgesteld op 14 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en een bijzondere voorwaarde dat verdachte zich zal houden aan de voorschriften van de reclassering, inclusief ambulante behandeling. De rechtbank hield rekening met het feit dat verdachte een first-offender is, zijn medewerking aan het onderzoek en zijn persoonlijke omstandigheden. Twee mobiele telefoons werden in beslag genomen; één telefoon werd verbeurd verklaard, de andere werd teruggegeven aan verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 14 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarde van gedragsaanwijzingen door de reclassering.