ECLI:NL:RBZUT:2007:AZ7229
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Borgerhoff Mulder
- Elders
- Van Hoorn
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens medeplegen handel in cocaïne en heroïne in Zutphen
De rechtbank Zutphen heeft op 30 januari 2007 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van betrokkenheid bij de handel in cocaïne en heroïne in de gemeente Zutphen in de periode van 1 mei tot en met 4 oktober 2006.
Verdachte werd verweten dat zij, al dan niet samen met anderen, meermalen opzettelijk drugs heeft verkocht, afgeleverd, verstrekt of vervoerd. De verdediging voerde aan dat verdachte onder psychische druk van een medeverdachte handelde en daardoor geen vrije wil had. De rechtbank oordeelde echter dat verdachte wel degelijk uit eigen beweging drugs verstrekte en actief betrokken was bij transacties, zoals blijkt uit tapgesprekken en andere bewijsstukken.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte een belangrijke faciliterende rol vervulde door haar woning beschikbaar te stellen voor de drugshandel. Ondanks de intimidatie door de medeverdachte had zij zich moeten distantiëren. De strafmaat werd bepaald op 256 dagen gevangenisstraf, waarvan 150 dagen voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden en een proeftijd van twee jaar.
Verder werden bepaalde in beslag genomen voorwerpen onttrokken aan het verkeer, terwijl andere voorwerpen werden teruggegeven. De rechtbank hield rekening met het feit dat verdachte ook slachtoffer was van intimidatie, wat meewoog in de strafoplegging.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 256 dagen gevangenisstraf, waarvan 150 dagen voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden.