ECLI:NL:RBZUT:2007:BA1985
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Brouns
- Rechtspraak.nl
Prejudiciële vraag over uitleg begrip aanbinden van kalveren volgens EU-richtlijn
In deze strafzaak staat de uitleg van het begrip 'aanbinden' van kalveren centraal, zoals bedoeld in punt 8 van de bijlage bij Richtlijn 91/629/EEG juncto Beschikking 97/182/EG. Verdachte wordt verweten 25 kalveren te hebben gehouden die met een touw van circa 3 meter om de hals waren vastgebonden, hetgeen volgens het Openbaar Ministerie niet conform de richtlijn zou zijn.
De rechtbank constateert dat noch de richtlijn, noch het Kalverenbesluit een definitie van het begrip 'aanbinden' geeft. De verdediging stelt dat aanbinden moet worden uitgelegd als het kort vastbinden van de kop, waardoor het kalf weinig bewegingsvrijheid heeft, en dat de kalveren van verdachte juist veel bewegingsvrijheid hadden.
Gezien het ontbreken van een eenduidige uitleg en de verschillen in interpretatie, besluit de rechtbank het onderzoek voor onbepaalde tijd te schorsen en ambtshalve een prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen voor te leggen. Dit moet duidelijkheid verschaffen over de uitleg van het begrip 'aanbinden' en de relevantie van factoren als materiaal, lengte en doel van het aanbinden.
Uitkomst: Het onderzoek wordt geschorst en een prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie wordt gesteld over de uitleg van het begrip aanbinden.