ECLI:NL:RBZUT:2007:BA7700

Rechtbank Zutphen

Datum uitspraak
20 juni 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
06/580434-06 (ontneming)
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
  • Van Harreveld
  • Borgerhoff Mulder
  • Van Lookeren Campagne
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 27 SrArt. 36e SrArt. 574 SvArt. 575 SvArt. 576 Sv
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling en ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel wegens mishandeling en oplichting

De rechtbank Zutphen heeft verdachte veroordeeld wegens meervoudige mishandeling van zijn kind en zijn toenmalige partner, alsmede meerdere gevallen van oplichting waarbij hij zich voordeed als organisator van een mode-evenement in Apeldoorn.

Naast de straf is een afzonderlijke beslissing genomen tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Dit voordeel werd berekend op €7.788,78, waarvan na aftrek van de reeds toegekende schadevergoeding aan Ambidex Promotions B.V. een bedrag van €5.483,15 resteert dat aan de Staat moet worden betaald.

De rechtbank baseerde zich op proces-verbalen en berekeningen van het wederrechtelijk verkregen voordeel, waarbij onder meer betalingen met een creditcard van de Rabobank Apeldoorn en goederen zoals een DVD-speler en meubels werden betrokken.

Indien betaling niet plaatsvindt en verhaal op het vermogen van verdachte niet mogelijk is, kan de rechter op vordering van de officier van justitie verlof verlenen tot tenuitvoerlegging van lijfsdwang tot drie jaar.

De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Zutphen op 20 juni 2007.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 14 maanden gevangenisstraf waarvan 5 maanden voorwaardelijk en ontneming van €5.483,15 wederrechtelijk verkregen voordeel.

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN
Sector Straf
Meervoudige kamer
Parketnummer: 06/580434-06 (ontneming)
Uitspraak d.d.: 20 juni 2007
Verstek/ dnip
VERKORT VONNIS
Gezien de vordering ex artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht van de officier van justitie, strekkende tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel in de strafzaak tegen:
[verdachte],
geboren te [woonplaats] op [geboortedatum],
wonende te [postcode plaats], [adres].
De behandeling van de vordering heeft plaatsgevonden op de terechtzitting van 6 juni 2007. Van de behandeling is een proces-verbaal opgemaakt.
Gezien het op 20 juni 2007 gewezen vonnis van de meervoudige kamer van deze rechtbank, waarbij verdachte ter zake:
Parketnummer 06/460602-06:
1 subsidiair: mishandeling begaan tegen zijn kind, meermalen gepleegd;
2. mishandeling, meermalen gepleegd;
Parketnummer 06/580434-06:
1. oplichting;
2. oplichting, meermalen gepleegd;
3. oplichting, meermalen gepleegd;
onder meer is veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 14 (veertien) maanden waarvan 5 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, met aftrek overeenkomstig artikel 27 van Pro het Wetboek van Strafrecht.
Gezien de stukken van het onderhavige dossier, waaronder:
- het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal (met bijlagen), genummerd 06-209227, gesloten en ondertekend op 29 november 2006 door [verbalisant], hoofdagent van politie Team Recherche, district Apeldoorn;
- het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal, genummerd 06-209227, gesloten en ondertekend op 25 januari 2007 door [verbalisant] voornoemd, van berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
Motivering:
De officier van justitie heeft in de vordering het te ontnemen bedrag gesteld op € 7.370,65, eventueel te verminderen met de in de strafzaak toe te wijzen vordering van de benadeelde partij Ambidex B.V.
Gelet op de inhoud van voormeld vonnis, van het betrokken strafdossier en van voormeld proces-verbaal van berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel, stelt de rechtbank vast dat verdachte wederrechtelijk verkregen voordeel heeft genoten.
Bij de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel hanteert de rechtbank als uitgangspunt de berekeningsmethode als vermeld in voornoemd proces-verbaal. Met betrekking tot het berekende voordeel ten aanzien van het verkrijgen van de creditcard van de Rabobank Apeldoorn en het daarmee verrichten van betalingen heeft de rechtbank vastgesteld dat het om een soortgelijk feit gaat als waarvoor verdachte bij voornoemd vonnis is veroordeeld en dat er voldoende aanwijzingen bestaan dat dit feit door Bruins is begaan.
Op de berekening wordt een correctie aangebracht, nu is gebleken dat het door verdachte genoten voordeel ten aanzien van Ambidex Promotie B.V. een bedrag van € 2.305,63 bedraagt.
Aangezien Bruins bij voormeld vonnis is veroordeeld tot vergoeding van geleden schade aan de benadeelde partij Ambidex Promotions B.V. tot een bedrag van € 2.305,63, dient deze verplichting conform artikel 36e, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht in mindering te worden gebracht op het geschatte door veroordeelde uit die zaak wederrechtelijk verkregen voordeel.
Herberekening
Ambidex Promotions € 2.305,63
Creditcard Rabobank Apeldoorn € 5.113,15
DVD-speler Superkeukens € 120,--
Goederen Profijt Meubels € 250,--
________
€ 7.788,78
Toewijzing vordering benadeelde
partij Amibidex Promotions B.V. € 2.305,63
_________
Verkregen voordeel € 5.483,15
BESLISSING:
Legt aan veroordeelde de verplichting op, ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, aan de Staat te betalen:
€ 5.483,15 (vijfduizend vierhonderd drieëntachtig euro en vijftien eurocent).
Indien de veroordeelde niet aan de verplichting tot betaling aan de Staat van voormeld bedrag voldoet en volledig verhaal op grond van de artikelen 574 tot en met 576 van het Wetboek van Strafvordering op diens vermogen niet mogelijk is gebleken, kan de rechter op vordering van de officier van justitie verlof tot tenuitvoerlegging van lijfsdwang van ten hoogste drie jaren verlenen.
Deze beslissing is gegeven door mrs. Van Harreveld, voorzitter, Borgerhoff Mulder en Van Lookeren Campagne, rechters, in tegenwoordigheid van Jansen, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 20 juni 2007.