ECLI:NL:RBZUT:2007:BB0900
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bewijsverplichting gemeente bij permanente bewoning recreatiewoning en verzet tegen dwangbevel
De zaak betreft een geschil tussen een eigenaar van een recreatiewoning en de gemeente Ermelo over de permanente bewoning van die woning. De gemeente had een dwangsombesluit opgelegd wegens overtreding van het bestemmingsplan, omdat de eigenaar de woning als hoofdverblijf zou gebruiken. De eigenaar was echter ook ingeschreven in een Duitse gemeente en stelde dat hij zijn hoofdverblijf daar had.
De rechtbank bespreekt de procedure en eerdere bestuursrechtelijke uitspraken, waaronder vernietiging van eerdere besluiten door de Afdeling Bestuursrechtspraak. De eigenaar betwist de permanente bewoning en voert aan dat de gemeente onvoldoende bewijs heeft geleverd en misbruik van bevoegdheid pleegt door de dwangsommen te innen.
De rechtbank oordeelt dat de inschrijving in de gemeentelijke basisadministratie een vermoeden van hoofdverblijf geeft, maar dat dit vermoeden kan worden ontzenuwd door tegenbewijs. Gezien de inschrijving in Duitsland en andere omstandigheden is er twijfel gerezen, waardoor de gemeente de bewijslast draagt om aan te tonen dat de eigenaar het recreatieverblijf als hoofdverblijf gebruikte in de periode van 1 juli tot 14 oktober 2002.
De rechtbank wijst de gemeente toe om bewijs te leveren, waaronder het mogelijk horen van getuigen, en houdt verdere beslissing aan. De procedure benadrukt de zorgvuldigheid en bewijslastverdeling bij bestuursrechtelijke dwangsommen en het belang van het respecteren van privacy en rechtsbescherming.
Uitkomst: De rechtbank stelt de gemeente in de gelegenheid bewijs te leveren dat de eigenaar de recreatiewoning als hoofdverblijf gebruikte en houdt verdere beslissing aan.