ECLI:NL:RBZUT:2007:BB0920
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C.M. Boon
- Rechtspraak.nl
Deskundigenbenoeming en onderzoek naar hoefbevangenheid bij paard
In deze civiele zaak staat de vraag centraal of een paard bij de levering op 11 mei 2004 leed aan hoefbevangenheid en welke kenmerken daarvoor kenmerkend zijn. De rechtbank heeft besloten een deskundigenbericht in te winnen om de medische en veterinaire aspecten van het geschil te beoordelen.
Partijen hebben zich uitgelaten over het benoemen van een deskundige, waarbij gedaagden de voorkeur gaven aan een hoogleraar van de Faculteit Diergeneeskunde te Utrecht. De rechtbank heeft daarop professor dr. A. Barneveld benoemd als deskundige.
De rechtbank heeft een uitgebreide lijst van vragen aan de deskundige voorgelegd, waaronder de vraag of de waargenomen afwijkingen aan de hoeven kenmerkend zijn voor hoefbevangenheid, of deze afwijkingen mogelijk veroorzaakt zijn door bekapping, en in hoeverre deze afwijkingen al aanwezig waren bij levering. Tevens wordt gevraagd naar de geschiktheid van het paard als sportpaard en de risico's op herhaling van de ziekte.
De deskundige dient een schriftelijk rapport in vóór 1 augustus 2007, waarna de zaak verder zal worden behandeld. De rechtbank heeft tevens de financiële regeling voor het honorarium van de deskundige vastgesteld en bepaalt dat het voorschot voorlopig ten laste van 's Rijks kas komt.
De uitspraak betreft een tussenbeslissing waarin het deskundigenonderzoek wordt bevolen en verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank beveelt een deskundigenonderzoek naar de hoefbevangenheid van het paard en houdt verdere beslissing aan.