ECLI:NL:RBZUT:2007:BB1243
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.C.M. Boon
- P.F.A. Bierbooms
- Th.C.M. Willemse
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap en pensioenverevening na echtscheiding
De rechtbank Zutphen heeft op 11 april 2007 uitspraak gedaan over de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap tussen een vrouw en een man na hun echtscheiding. Centraal stonden de restantschuld aan de moeder van de man, de waarde en toedeling van levensverzekeringen, pensioenverevening en de verdeling van gemeenschappelijke rekeningen en schulden. De man werd toegelaten bewijs te leveren over de restantschuld, die werd vastgesteld op € 6.806,70 met rente tot 1 oktober 2001. Deze schuld werd toegedeeld aan de man, met verplichting tot vergoeding aan de vrouw.
De rechtbank oordeelde dat bepaalde levensverzekeringen die na de scheiding door de man waren afgesloten niet tot de gemeenschap behoorden. Voor de polissen die wel tot de gemeenschap behoorden, werden de lopende waarden vastgesteld en toegedeeld aan de man, onder verplichting tot vergoeding aan de vrouw. Over de pensioenverevening stelde de rechtbank vast dat onvoldoende gegevens waren verstrekt door de man, waarna een onafhankelijke pensioendeskundige op kosten van de man werd aangewezen om het deel van het ouderdomspensioen dat aan de vrouw toekomt vast te stellen.
Verder werd de vrouw in de gelegenheid gesteld bewijsstukken over te leggen omtrent betalingen op het flexibel krediet bij de ABN Amro bank, en werd de man opgedragen zich uit te laten over de benoeming van de pensioendeskundige. De rechtbank wees ook verzoeken tot opheffing van gemeenschappelijke rekeningen toe, zonder dwangsom vanwege de bereidwilligheid van de man. De verdeling van provisies en overige posten werd eveneens beoordeeld en toegedeeld conform de gemaakte afspraken en overgelegde stukken.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen toe, bepaalt de verdeling van schulden en verzekeringen, en wijst een pensioendeskundige aan voor pensioenverevening.