ECLI:NL:RBZUT:2007:BD4160
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N.K. van den Dungen-Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Weigering WW-uitkering wegens verwijtbaar werkloos worden na oprichting eigen bedrijf
Eiser diende een aanvraag in voor een WW-uitkering, die door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen werd geweigerd op grond van verwijtbaar werkloos zijn. Eiser maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit bezwaar werd ongegrond verklaard. Vervolgens stelde eiser beroep in bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat eiser zich zodanig verwijtbaar heeft gedragen dat hij redelijkerwijs had moeten begrijpen dat zijn gedrag, met name het oprichten van een eigen bedrijf zonder toestemming en het gebruik van bedrijfsmiddelen van zijn werkgever, de beëindiging van zijn dienstverband tot gevolg zou kunnen hebben. De arbeidsovereenkomst werd op verzoek van de werkgever ontbonden wegens veranderde omstandigheden.
De rechtbank volgt het oordeel van de kantonrechter dat het handelen van eiser niet getuigt van goed werknemerschap. Ook de omvang van de nevenactiviteiten en het voorstel om vanaf 1 januari 2006 op freelance basis te werken, bevestigen dat eiser de gevolgen van zijn handelen had kunnen voorzien. Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard en blijft de weigering van de WW-uitkering in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de WW-uitkering wordt ongegrond verklaard wegens verwijtbaar werkloos worden.