ECLI:NL:RBZUT:2007:BG6903
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- D. Vergunst
- R.M.A.G. van Valderen
- K.H.A. Heenk
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking van rechters niet-ontvankelijk verklaard door rechtbank Zutphen
Op 25 juli 2007 diende verzoeker een wrakingsverzoek in tegen de rechters die hem in een bestuursrechtelijke zaak zouden horen op 26 juli 2007. Het verzoek betrof het op voorhand wraken van alle rechters van de sector bestuursrecht van de rechtbank Zutphen die bij die zitting zouden zijn betrokken.
De rechtbank oordeelde dat een wrakingsverzoek moet zijn gericht op één of meerdere met name genoemde rechters en moet worden onderbouwd met concrete, op die rechters toegespitste argumenten. Het ingediende verzoek was algemeen van aard en bevatte geen specifieke motieven, waardoor het niet als een geldig wrakingsverzoek kon worden beschouwd.
Daarnaast was de rechtbank ambtshalve bekend met eerdere wrakingsverzoeken van verzoeker die niet aan de inhoudelijke eisen voldeden. Daarom bepaalde de rechtbank op grond van artikel 8:18 Awb Pro dat een volgend wrakingsverzoek in dezelfde zaak niet in behandeling zal worden genomen.
De rechtbank verklaarde verzoeker niet-ontvankelijk in zijn wrakingsverzoek en bepaalde dat toekomstige verzoeken niet worden behandeld. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige wrakingskamer bestaande uit drie rechters en uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn wrakingsverzoek en een volgend verzoek wordt niet in behandeling genomen.