ECLI:NL:RBZUT:2008:BD3553
Rechtbank Zutphen
- Kort geding
- G. Vrieze
- Rechtspraak.nl
Verplichting Stichting Zorggroep tot voortzetting intramurale verpleeghuiszorg in appartementencomplex
Bewoners van een appartementencomplex vorderen in kort geding dat Stichting Zorggroep haar zorgovereenkomsten nakomt en intramurale verpleeghuiszorg blijft leveren zoals oorspronkelijk toegezegd. De bewoners zijn vanuit verschillende plaatsen in Nederland naar het complex verhuisd vanwege de geboden zorgmogelijkheden, waaronder intramurale zorg zonder bouw, waarbij zorg thuis in het eigen appartement wordt geleverd.
De Stichting Zorggroep stelt dat gewijzigde regelgeving en financiering door het Zorgkantoor het onmogelijk maken om intramurale zorg in het appartementencomplex voort te zetten, en dat de zorg moet worden omgezet naar extramurale zorg. De bewoners betwisten dat zij hiermee hebben ingestemd en voeren aan dat zij recht hebben op continuering van de zorg op basis van de gesloten overeenkomsten en indicaties.
De rechtbank overweegt dat de overeenkomsten als geneeskundige behandelingsovereenkomsten gelden en dat opzegging slechts mogelijk is bij gewichtige redenen, die hier niet aannemelijk zijn gemaakt. Ook het beroep op onvoorziene omstandigheden wordt verworpen omdat gewijzigde regelgeving niet als uitzonderlijk kan worden beschouwd en de financiële gevolgen voor de zorgaanbieder als ondernemersrisico gelden.
De rechtbank concludeert dat Stichting Zorggroep gehouden is de zorgovereenkomsten ongewijzigd na te komen voor de drie bewoonsters met een geldige indicatie en veroordeelt de Stichting tot voortzetting van de intramurale zorg. De vorderingen van twee bewoners zonder indicatie worden afgewezen wegens gebrek aan belang. De Stichting wordt tevens veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Stichting Zorggroep is veroordeeld tot voortzetting van intramurale verpleeghuiszorg aan drie bewoonsters met geldige indicatie.