ECLI:NL:RBZUT:2008:BD5754
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C.M. Boon
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot vernietiging koopovereenkomst wegens onvoldoende bewijs benadeling koper
De vrouw vorderde vernietiging van de koopovereenkomst waarbij haar ex-man zijn woonhuis met opstallen had verkocht, stellende dat zij door de verkoop benadeeld was in haar verhaalsmogelijkheden op alimentatie. De man en koper voerden verweer dat de verkoop niet onverplicht was, dat de prijs marktconform was en dat de koper niet wist van benadeling.
De rechtbank oordeelde dat de vordering niet kon worden gebaseerd op artikel 505 lid 2 Rv Pro maar op artikel 3:45 BW Pro (gewone pauliana). De voorwaarden voor vernietiging zijn een onverplichte rechtshandeling, benadeling van de schuldeiser en wetenschap van koper en verkoper van die benadeling.
Hoewel werd aangenomen dat de verkoop onverplicht was en mogelijk benadeling bestond, was onvoldoende gesteld dat de koper wist of behoorde te weten van de benadeling. De enkele stelling dat de prijs zonder taxatie was vastgesteld en dat er beslag rustte, was onvoldoende. De vordering werd daarom afgewezen. Proceskosten werden gecompenseerd tussen ex-partners, met veroordeling van de vrouw in de kosten van de koper.
Uitkomst: De vordering tot vernietiging van de koopovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs dat de koper wist of behoorde te weten van benadeling.