ECLI:NL:RBZUT:2008:BD7121
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.M.A.G. van Valderen
- Rechtspraak.nl
Betaling aanvullende pensioenregeling na beëindiging dienstverband directeur
De zaak betreft de uitleg en uitvoering van pensioenafspraken tussen een bedrijf en haar ex-directeur na beëindiging van diens dienstverband. Partijen hadden een vaststellingsovereenkomst gesloten waarbij een onafhankelijke actuaris werd benoemd om de koopsom voor een aanvullende pensioenregeling te berekenen. De actuaris stelde een bedrag vast, waarvan de werkgever de helft moest betalen.
De werkgever weigerde betaling van het bedrag, waarop de ex-directeur een kort geding startte. De rechtbank oordeelde dat de pensioenafspraak uit de arbeidsovereenkomst een onvoorwaardelijke toezegging betrof en dat de werkgever niet mocht terugkomen op de verplichting vanwege fiscale onzekerheden of financiële consequenties.
Wel werd geoordeeld dat de post voor het nabestaandenpensioen door de actuaris zonder hoor en wederhoor was opgenomen, waardoor de werkgever niet aan dat deel van het bindend advies gebonden is. De werkgever werd veroordeeld tot betaling van het resterende bedrag met wettelijke rente en proceskosten. Een tegenvordering van de werkgever werd afgewezen.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van €120.569,-- voor aanvullende pensioenregeling exclusief nabestaandenpensioen.