ECLI:NL:RBZUT:2008:BD8378
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering zorgkosten wegens ontbreken rechtsgeldige overeenkomst met eiser
Berkel-B vordert betaling van €5.724,83 voor zorgwerkzaamheden verricht aan de minderjarige kinderen van gedaagde 1. Berkel-B stelt dat zij met gedaagde 1 een overeenkomst heeft gesloten en dat een bedrag onbetaald is gebleven. Gedaagde 1 voert verweer dat niet hij, maar zijn ex-partner, gedaagde 2, de overeenkomst met Berkel-B is aangegaan en dat zij de persoonsgebonden budgetten beheerde en betalingen verrichtte.
Tijdens de procedure is gebleken dat zorgovereenkomsten uit 2004 door Berkel-B en gedaagde 2 zijn ondertekend en dat gedaagde 2 betalingen heeft gedaan. Berkel-B heeft nagelaten deze feiten volledig en tijdig in de dagvaarding aan te voeren en probeerde dit later te herstellen met een brief die als verkapte conclusie van repliek werd aangemerkt en daarom buiten beschouwing bleef.
De rechtbank oordeelt dat Berkel-B niet heeft aangetoond dat gedaagde 1 de schuldenaar is voor de gevorderde zorgkosten. De vordering wordt daarom afgewezen. Ook de vordering in vrijwaring van gedaagde 1 tegen gedaagde 2 wordt afgewezen. Berkel-B wordt veroordeeld in de proceskosten, evenals gedaagde 1 in de vrijwaringszaak.
Uitkomst: De vordering van Berkel-B tegen gedaagde 1 wordt afgewezen wegens ontbreken van een rechtsgeldige overeenkomst en onvoldoende onderbouwing.