ECLI:NL:RBZUT:2008:BG6923
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.P. van Baaren
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar variabel deel afvalstoffenheffing wegens ontbreken procesbelang
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslagen afvalstoffenheffing voor de jaren 2006 en 2007, waarbij het variabele deel telkens op nihil was vastgesteld. De heffingsambtenaar van de gemeente Apeldoorn heeft het bezwaar ongegrond verklaard. Eiser stelde beroep in tegen deze beslissing. De rechtbank constateert dat de grieven van eiser uitsluitend betrekking hebben op het variabele deel van de afvalstoffenheffing, dat bij de aanslagen op nihil is gesteld. Hierdoor ontbreekt procesbelang, omdat het bezwaar niet kan leiden tot een lagere aanslag dan nihil.
De rechtbank oordeelt dat verweerder (de heffingsambtenaar) ten onrechte het bezwaar van eiser heeft ontvangen en verklaart het beroep gegrond. Het bestreden besluit wordt vernietigd. De rechtbank voorziet zelf in de zaak door het bezwaar tegen het variabele deel van de afvalstoffenheffing niet-ontvankelijk te verklaren, conform artikel 8:72 lid 4 Awb Pro.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de gemeente Apeldoorn tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiser, waaronder de kosten van rechtsbijstand. De rechtbank gaat niet in op het verzoek van eiser om ambtshalve aanvulling van de rechtsgronden, omdat het bezwaar niet-ontvankelijk is verklaard.
Uitkomst: Bezwaar tegen het variabele deel van de afvalstoffenheffing wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.