ECLI:NL:RBZUT:2008:BG7956
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Brouns
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak onzorgvuldigheid bij toepassing bestrijdingsmiddel wegens onvoldoende bewijs causaal verband
De zaak betreft een tenlastelegging tegen een ongediertebestrijdingsbedrijf dat ervan werd beschuldigd onvoldoende zorgvuldigheid te hebben betracht bij het ventileren van een bedrijfsruimte na toepassing van het bestrijdingsmiddel Fendona 60 SC, waardoor een persoon letsel zou hebben opgelopen.
De economische politierechter oordeelde dat het tweede ten laste gelegde feit nietig verklaard moest worden omdat de dagvaarding geen duidelijke en begrijpelijke omschrijving van het feit bevatte. Het OM had een wettekst overgenomen zonder te specificeren welke overtreding precies werd bedoeld, waardoor onduidelijkheid ontstond.
Ten aanzien van het eerste ten laste gelegde feit stelde de verdediging dat het causaal verband tussen het onvoldoende ventileren en het letsel niet wettig en overtuigend was bewezen. De rechter volgde dit standpunt en vond dat het enkele feit dat het slachtoffer gezondheidsklachten kreeg na het betreden van de behandelde ruimte onvoldoende was om het verband aan te nemen.
Daarom sprak de rechter het bedrijf vrij van het eerste ten laste gelegde feit en verklaarde het tweede ten laste gelegde feit nietig. De uitspraak werd gedaan op 22 december 2008 door de economische politierechter Brouns.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van onzorgvuldigheid wegens onvoldoende bewijs causaal verband en tweede feit wordt nietig verklaard.