ECLI:NL:RBZUT:2009:BH1011
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Kleinrensink
- Roessingh-Bakels
- Gilhuis
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot gevangenisstraf voor ontuchtige handelingen met minderjarige
Op 19 september 2006 heeft verdachte ontuchtige handelingen gepleegd met een veertienjarig meisje, waaronder het seksueel binnendringen van haar lichaam. De rechtbank baseert haar oordeel op de consistente verklaringen van het slachtoffer, DNA-sporen die op meerdere plaatsen in het lichaam van het slachtoffer zijn aangetroffen en overeenkomen met het DNA van verdachte, en het deskundigenonderzoek van het NFI.
De verdediging voerde aan dat het bewijs onrechtmatig verkregen was, onder meer vanwege het ontbreken van toestemming voor het zedenonderzoek en de niet-gecertificeerde status van de arts die het onderzoek uitvoerde. De rechtbank verwierp deze bezwaren, stellende dat de arts voldoende competent was en dat de toestemming van ouders niet vereist is voor het bewijs tegen verdachte.
Verdachte ontkende aanvankelijk het ten laste gelegde, maar gaf later aan dat het slachtoffer zijn penis tegen zijn wil had betast en zichzelf daarna had bevredigd, wat volgens hem de spermasporen zou verklaren. De rechtbank achtte deze verklaring ongeloofwaardig gezien de hoeveelheid en locatie van de spermasporen.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 15 maanden op, waarvan 5 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, waarbij rekening werd gehouden met de ernst van het feit, het aanzienlijke leeftijdsverschil en het misbruik van het vertrouwen van het minderjarige slachtoffer.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 15 maanden gevangenisstraf, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, wegens ontuchtige handelingen met een veertienjarig meisje.