ECLI:NL:RBZUT:2009:BI2554
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.A.M. Smulders
- Rechtspraak.nl
Beëindiging huurovereenkomst bedrijfspand vóór eigendomsoverdracht koper
De zaak betreft een geschil tussen een huurder en een koper van bedrijfspanden die nog verhuurd waren. De koper had de panden op een openbare veiling gekocht, maar was op het moment van de huurbeëindiging nog geen formeel eigenaar. Partijen kwamen overeen de huur te beëindigen tegen een afkoopsom, waarna de huurder de panden ontruimde en betaalde.
De huurder stelde dat de betaling onverschuldigd was omdat de koper nog geen eigenaar was en dus niet bevoegd om de overeenkomst te sluiten. De koper voerde aan dat hij dit tijdens de onderhandelingen had meegedeeld en dat de veilingvoorwaarden het risico bij de koper legden.
De rechtbank oordeelde dat partijen rechtsgeldig konden contracteren over zaken die nog niet eigendom waren van de koper. De overeenkomst moest worden uitgelegd naar de bedoeling en redelijke verwachtingen van partijen, waarbij de strekking was de huur zo spoedig mogelijk te beëindigen tegen de afgesproken vergoeding. Het feit dat de koper pas later eigenaar werd, deed daaraan niet af.
De rechtbank concludeerde dat de betaling niet onverschuldigd was en wees de vordering af. De proceskosten werden gecompenseerd omdat het probleem mede door de koper was ontstaan.
Uitkomst: De vordering tot terugbetaling van de afkoopsom wordt afgewezen omdat geen sprake is van onverschuldigde betaling.