ECLI:NL:RBZUT:2009:BI4849
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Prisse
- De Bie
- Van den Dungen-Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van wederrechtelijke vrijheidsberoving
Op 27 mei 2009 heeft de rechtbank Zutphen uitspraak gedaan in een zaak waarin verdachte werd beschuldigd van wederrechtelijke vrijheidsberoving van twee slachtoffers in een woning te Zutphen op 11 december 2008. De tenlastelegging omvatte onder meer het dwingen van de slachtoffers, het gebruik van geweld en bedreiging met een mes.
Tijdens de terechtzittingen op 24 maart en 13 mei 2009 bleek dat de verklaringen van de slachtoffers onderling en ten opzichte van eerdere politieverklaringen zodanig verschilden dat de betrouwbaarheid en waarschijnlijkheid ervan in twijfel werden getrokken. Zowel de officier van justitie als de verdediging pleitten voor vrijspraak.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen onvoldoende bewijs leverden om het ten laste gelegde wettig en overtuigend vast te stellen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij. Tevens werden de vorderingen van de benadeelde partijen tot schadevergoeding afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid, en werd een eerdere vordering tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf afgewezen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van wederrechtelijke vrijheidsberoving.