ECLI:NL:RBZUT:2009:BI6152
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Borgerhoff Mulder
- Kleinrensink
- Knoop
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke gevangenisstraf wegens ontuchtige handelingen met minderjarige nichtjes
De rechtbank Zutphen heeft op 3 juni 2009 een man veroordeeld wegens ontuchtige handelingen met zijn toen 11- en 13-jarige nichtjes. De feiten vonden plaats in 2001 en 2006, waarbij de verdachte zijn nichtjes betastte en streelde, onder meer de borsten en borststreek. De rechtbank achtte het wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte deze handelingen buiten echt heeft gepleegd.
De bewijslast bestond uit aangiften van de slachtoffers, verklaringen van de moeder van de slachtoffers, de ex-vrouw van de verdachte, en bekentenissen van de verdachte zelf. De verdediging voerde aan dat er geen seksuele intentie was en dat de handelingen niet ontuchtig waren, maar dit werd door de rechtbank verworpen. De rechtbank benadrukte dat de verdachte misbruik maakte van zijn vertrouwenspositie en dat kinderen onder de zestien beschermd moeten worden.
De rechtbank veroordeelde de verdachte tot een gevangenisstraf van drie maanden, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en legde als bijzondere voorwaarde op dat de verdachte zich laat behandelen en meewerkt aan reclasseringscontact. De vorderingen tot schadevergoeding van de slachtoffers werden niet-ontvankelijk verklaard wegens de complexiteit en betwisting van de schade. De rechtbank wees tevens op het verhoogde recidiverisico en het ontbreken van eerdere veroordelingen.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarde behandeling wegens ontuchtige handelingen met minderjarige nichtjes.