ECLI:NL:RBZUT:2010:BL7870

Rechtbank Zutphen

Datum uitspraak
17 maart 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
06/580430-05
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
  • Aufderhaar
  • Krijger
  • Davids
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 509o Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging terbeschikkingstelling wegens aanhoudend recidivegevaar en psychiatrische problematiek

Op 17 maart 2010 heeft de rechtbank Zutphen besloten tot verlenging van de terbeschikkingstelling van een veroordeelde die sinds 8 april 2008 in een kliniek verblijft. De maatregel was eerder opgelegd door het gerechtshof Arnhem in verband met een geweldsmisdrijf.

De veroordeelde is gediagnosticeerd met schizofrenie van het paranoïde type en vertoont een fluoride psychotische toestand, waarbij hij geen realistisch beeld van de werkelijkheid heeft. Ondanks medicatietrouw en medewerking aan het behandelprogramma, ontbreekt ziektebesef en is het effect van medicatie nog onzeker.

De deskundigen en de rechtbank achten het risico op herhaling van gewelddadig gedrag hoog bij opheffing van de maatregel, mede door cognitieve vervormingen en wanen over eigendom en complotten. Daarom is verlenging van de terbeschikkingstelling met twee jaar noodzakelijk om de veiligheid van de samenleving te waarborgen.

De rechtbank weegt mee dat de behandeling zich nog in een beginfase bevindt en dat de maatregel niet beperkt wordt tot één jaar zoals door de verdediging was verzocht. De beslissing is genomen na behandeling van de vordering op 3 maart 2010 en uitgesproken op 17 maart 2010.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling van de veroordeelde met twee jaar vanwege aanhoudend recidivegevaar.

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN
Sector Straf
Meervoudige kamer
Parketnummer: 06/580430-05
Raadsman: mr. P.T. Pel, advocaat te Hattem.
Op 10 februari 2010 is ter griffie van deze rechtbank ingediend een vordering gedateerd
9 februari 2010 van de officier van justitie in dit arrondissement, strekkende tot verlenging van de terbeschikkingstelling van:
[veroordeelde],
geboren te [plaats in 1970],
thans verblijvend in de Dr. Henri van der Hoevenkliniek te Utrecht,
met een termijn van twee jaar.
De maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege
is opgelegd bij arrest van het gerechtshof te Arnhem van 22 januari 2007 en is ingegaan
op 8 april 2008.
De vordering is op de openbare terechtzitting behandeld door de rechtbank op 3 maart 2010. Van deze behandeling is proces-ver¬baal opgemaakt.
De rechtbank heeft de stukken bezien, waaronder:
• een verlengingsadvies gedateerd 29 januari 2010 opgemaakt door drs. M. Kossen (psychiater en directeur behandeling), drs. E.M.G. Bischoff (GZ-psycholoog en hoofd behandeling) en L. Soebhag (groepsleider); en
• de wettelijke aantekeningen over de periode van 15 juli 2009 tot en met 24 december 2009.
Motivering
1. De vordering is binnen de in artikel 509o van het Wetboek van Strafvordering vermelde termijn ingediend.
2. Namens betrokkene is bij de behandeling van de vordering gepleit om de duur van de verlenging van de maatregel te beperken tot één jaar.
3. Uit het verlengingsadvies – in samenhang met de wettelijke aantekeningen – en de daarop ter zitting gegeven toelichting door de deskundige E.M.G. Bischoff, voornoemd, komt onder meer het volgende naar voren.
Betrokkene verblijft sinds 15 juli 2009 in de kliniek. Hij is opgenomen in een leefgroep voor patiënten met psychotische en psychiatrische problematiek. Betrokkene stelt zich meewerkend op: hij is medicatietrouw, hij volgt zijn dagprogramma trouw en hij geeft gehoor aan adviezen van het behandelingsteam. Betrokkene is gediagnosticeerd met schizofrenie van het paranoïde type. Tot op heden is hij fluoride psychotisch, hetgeen betekent dat hij geen reëel beeld heeft van de werkelijkheid. Hij is gedurende tien jaren niet behandeld en hij ontbeert ziektebesef. Het is nog niet duidelijk in hoeverre de antipsychotische medicatie effectief zal gaan werken teneinde de realiteitstoetsing te verbeteren.
Binnen het gedwongen kader van de terbeschikkingstelling wordt het risico op gewelddadig gedrag op grond van de externe controle en sturing hanteerbaar geacht. Zonder behandeling en daarmee bijstelling van zijn overtuigingen, zal hij zich de rechtmatige eigenaar blijven wanen van de voormalige boerderij van zijn ouders en in zijn huidige toestand zal hij zich opnieuw tegengewerkt zien door een complot met kwade opzet. Vanuit de cognitieve vervormingen omtrent de toelaatbaarheid van geweld wordt de kans dat hij weer tot gewelddadig gedrag zal komen bij een opheffing van de terbeschikkingstelling als hoog ingeschat.
Geadviseerd wordt de maatregel van terbeschikkingstelling te verlengen voor de duur van twee jaar.
4. Het vorenstaande leidt de rechtbank tot de conclusie dat het recidivegevaar onverminderd aanwezig is en dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen eist dat de termijn van de terbeschikkingstelling, welke maatregel onder meer is toegepast terzake van een geweldsmisdrijf, wordt verlengd.
In de omstandigheid dat de behandeling van betrokkene zich nog in de beginfase bevindt, ziet de rechtbank aanleiding de verlenging van de maatregel niet te beperken tot de duur van één jaar.
Beslissing
De rechtbank verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling van [veroordeelde], voornoemd, voor de tijd van twee jaar.
Deze beslissing is gegeven door mr. Aufderhaar, voorzit¬ter, mrs. Krijger en Davids, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Meerdink, griffier en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 17 maart 2010.