ECLI:NL:RBZUT:2010:BM4249
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Krijger
- Gilhuis
- Feraaune
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs groepsverkrachting en dronken voeren vrouw
Tijdens een feest in Hattem werden vier mannen verdacht van groepsverkrachting van een 18-jarige vrouw. Daarnaast werden twee mannen verdacht van het dronken voeren van een vrouw in Raalte om seks met haar te hebben. Uit het onderzoek bleek dat de vrouw mogelijk onder invloed was van alcohol en mogelijk andere stoffen, maar er was onvoldoende bewijs dat de verdachten seksueel contact hadden met haar terwijl zij niet in staat was haar wil te bepalen.
De verklaringen van de aangeefster waren tegenstrijdig en onduidelijk, mede door geheugenverlies. Medeverdachte gaf aan dat hij seks had gehad met de vrouw, maar dat dit op vrijwillige basis was. Verdachte ontkende seksueel contact te hebben gehad. Er was geen bewijs van een vooropgezet plan of medeplegen.
De officier van justitie vorderde vrijspraak wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs. De verdediging voerde aan dat de verklaringen onvoldoende betrouwbaar waren en dat er geen sprake was van medeplegen. De rechtbank oordeelde dat niet bewezen kon worden dat verdachte seks had gehad met de vrouw terwijl zij niet in staat was haar wil te bepalen en sprak verdachte vrij.
De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde werd niet-ontvankelijk verklaard omdat er geen bewezen feit was. De uitspraak werd gedaan op 12 mei 2010 door de meervoudige kamer van de rechtbank Zutphen.
Uitkomst: Verdachten worden vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van groepsverkrachting en dronken voeren.