ECLI:NL:RBZUT:2010:BN0350
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Mei
- Van der Hooft
- Boerwinkel
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken van stelselmatige belaging ondanks wederrechtelijke inbreuk op persoonlijke levenssfeer
De rechtbank Zutphen behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van belaging jegens het slachtoffer gedurende de periode van december 2006 tot december 2007. Verdachte had meerdere malen contact gezocht met het slachtoffer via sms, e-mail, telefoon, onaangekondigde bezoeken en andere gedragingen die inbreuk maakten op de persoonlijke levenssfeer van het slachtoffer.
Hoewel de rechtbank vaststelde dat sprake was van wederrechtelijkheid, opzet en het vereiste oogmerk voor belaging, concludeerde zij dat de gedragingen niet stelselmatig waren. De inhoud en frequentie van de sms-berichten, telefoontjes en ontmoetingen waren onvoldoende om te spreken van een stelselmatige inbreuk. Daarnaast ontbrak overtuigend steunbewijs voor sommige incidenten en kon niet worden vastgesteld dat ontmoetingen geen toevallig karakter hadden.
De rechtbank wees ook de niet-ontvankelijkheidsverweren van de verdediging af, waarbij werd geoordeeld dat de sepotmededeling en het klachtvereiste het Openbaar Ministerie niet belemmerden in de vervolging. De vordering tot schadevergoeding van het slachtoffer werd afgewezen omdat verdachte werd vrijgesproken. De rechtbank sprak verdachte vrij van belaging en bepaalde dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat de inbreuk op de persoonlijke levenssfeer niet stelselmatig was.