ECLI:NL:RBZUT:2010:BO4780
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van dwangsom van 60.000 euro en afwijzing verzet tegen dwangbevel gemeente
De zaak betreft een geschil tussen eiser en de gemeente Berkelland over een last onder dwangsom en de hoogte daarvan. Het college van burgemeester en wethouders had eiser een last opgelegd om een schuur te verwijderen of te verkleinen, met een dwangsom van 100.000 euro. De rechtbank had deze dwangsom in een eerdere uitspraak verlaagd tot 60.000 euro, wat later door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State werd bevestigd.
Eiser stelde dat de lagere dwangsom niet rechtsgeldig was bekendgemaakt en dat het dwangbevel tot betaling van deze som onterecht was. De gemeente stelde dat de uitspraak van de rechtbank aan eiser was toegezonden via zijn gemachtigde, waardoor de dwangsom rechtsgeldig was verbeurd en invorderingshandelingen gerechtvaardigd waren.
De rechtbank oordeelde dat de uitspraak van de rechtbank op juiste wijze was bekendgemaakt door toezending aan de gemachtigde van eiser, en dat de rechtsgevolgen van de uitspraak daarmee in werking traden. Hierdoor was de dwangsom van 60.000 euro verbeurd en mocht de gemeente deze invorderen. Ook de invorderingskosten werden als redelijk beoordeeld.
Het verzet van eiser werd daarom ongegrond verklaard en zijn vordering tot ontheffing van het dwangbevel afgewezen. Eiser werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd op 10 november 2010 uitgesproken door de rechtbank Zutphen.
Uitkomst: Het verzet tegen het dwangbevel wordt ongegrond verklaard en de dwangsom van 60.000 euro wordt bevestigd.