ECLI:NL:RBZUT:2011:BP3554
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Mei
- Van de Wetering
- Draisma
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak politieman wegens onvoldoende bewijs schending ambtsgeheim
De politieman werd verdacht van het opzettelijk schenden van zijn ambtsgeheim tijdens een telefoongesprek in februari 2008, waarbij hij informatie uit een strafrechtelijk onderzoek naar een moord zou hebben gedeeld. Na een eerdere vernietiging van het vonnis door het gerechtshof Arnhem werd de zaak terugverwezen naar de rechtbank Zutphen.
De verdediging voerde aan dat de gedeelde informatie geen geheim was en dat verdachte geen opzet had om een geheimhoudingsplicht te schenden. Het openbaar ministerie stelde dat verdachte opzettelijk geheime informatie had prijsgegeven. De rechtbank oordeelde dat de informatie niet met voldoende zekerheid als geheim kon worden aangemerkt, mede omdat de informatie bekend was binnen een beperkte kring en deels openbaar was.
De rechtbank verwierp ook de ontvankelijkheidsverweren van de verdediging en oordeelde dat de vervolgingsbeslissing zorgvuldig was genomen. Daarnaast werd het verzoek van de benadeelde partij tot inzage in processtukken afgewezen en haar vordering tot schadevergoeding niet-ontvankelijk verklaard omdat verdachte werd vrijgesproken.
De politieman werd derhalve vrijgesproken van het ten laste gelegde feit van opzettelijke schending van het ambtsgeheim.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat de gedeelde informatie een geheim in de zin van artikel 272 Sr betreft.