ECLI:NL:RBZUT:2011:BQ1802
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.B. de Groot
- C. Kleinrensink
- Tj. Gerbranda
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wraking van rechter wegens vermeende vooringenomenheid in jeugdzorgzaak
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter in een jeugdzorgzaak, stellende dat de rechter hem niet in de gelegenheid stelde het woord te voeren, onterecht juridisch advies gaf aan een tegenpartij en vooringenomen was jegens hem.
De rechtbank onderzocht de gronden, waaronder het niet mogen overleggen van pleitaantekeningen, het geven van het woord aan de Raad voor de Kinderbescherming, en het vermeende lekken van de uitspraak door Bureau Jeugdzorg. De rechtbank oordeelde dat verzoeker wel degelijk het woord heeft kunnen voeren en dat de Raad en Bureau Jeugdzorg als adviseurs van de rechter mogen optreden.
Ook werd geoordeeld dat er geen bewijs was dat de rechter vooringenomen was of dat de vrees vooringenomenheid objectief gerechtvaardigd was. Het verzoek tot wraking werd daarom afgewezen en de procedure in de oorspronkelijke zaak werd voortgezet.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking van de rechter wordt afgewezen en de procedure wordt voortgezet.