ECLI:NL:RBZUT:2011:BQ1815
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Gilhuis
- Van der Mei
- Ouweneel
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke gevangenisstraf wegens medeplichtigheid aan ontucht met minderjarige kinderen door nalaten in te grijpen
De rechtbank Zutphen heeft op 19 april 2011 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van medeplichtigheid aan seksueel misbruik van haar minderjarige kinderen door haar toenmalige partner. Verdachte had kennis van het misbruik maar heeft nagelaten in te grijpen of hulp te zoeken, ondanks haar bijzondere zorgplicht als moeder.
De rechtbank sprak verdachte vrij van medeplegen van verschillende ten laste gelegde feiten omdat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat zij bewust en nauw samenwerkte met de medeverdachte. Ook werd vrijspraak gegeven voor feiten waarvan niet bewezen kon worden dat verdachte op de hoogte was. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte medeplichtig was aan ontucht met haar minderjarige kinderen door een passieve houding aan te nemen en het misbruik toe te laten.
Uit rapportages bleek dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar is vanwege cognitieve beperkingen en afhankelijkheid. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 10 maanden op, waarvan 5 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden en een proeftijd van 3 jaar. De straf is lager dan geëist vanwege minder bewezen feiten. De reclassering kreeg opdracht tot begeleiding van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 10 maanden wegens medeplichtigheid aan ontucht met haar minderjarige kinderen door nalaten in te grijpen.