ECLI:NL:RBZUT:2011:BR6824
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Valderen
- Gilhuis
- Ouweneel
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak instructeur sportschool wegens gebrek aan bewijs ontuchtige handelingen
De rechtbank Zutphen behandelde een zaak waarin een sportinstructeur werd beschuldigd van ontuchtige handelingen tijdens een introductieles aan een cliënt. De officier van justitie vorderde bewezenverklaring van verkrachting gebaseerd op de aangifte van het slachtoffer en ondersteunend bewijs zoals werkroosters en signalementen. De verdachte ontkende de feiten en kon zich de les niet herinneren.
Tijdens de zitting bleek dat behalve de aangifte geen direct bewijs bestond dat de beschuldigingen ondersteunde. Getuigenverklaringen waren van horen zeggen en niet zelfstandig belastend. De verdachte gaf vreemde reacties tijdens gesprekken en verhoren, maar dit was onvoldoende om tot een bewezenverklaring te komen.
De rechtbank oordeelde dat het bewijs ontoereikend was om schuld vast te stellen en sprak de verdachte vrij. De vordering tot schadevergoeding van € 2.500 van het slachtoffer werd afgewezen wegens de vrijspraak.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor ontuchtige handelingen.