ECLI:NL:RBZUT:2011:BT2003
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Roelvink
- Ouweneel
- Spoor
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bezit en vervaardiging van kinderpornografisch materiaal
De rechtbank Zutphen heeft op 20 september 2011 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die tussen 1 januari 2005 en 22 april 2009 te Putten en elders in Nederland circa 193 kinderpornografische afbeeldingen en multimediafiles in bezit had en zelf foto's van minderjarige kinderen vervaardigde.
De tenlastelegging betrof het vervaardigen en in bezit hebben van afbeeldingen van seksuele gedragingen waarbij minderjarigen betrokken waren, waaronder expliciete filmfragmenten en foto's van kinderen onder de 18 jaar. Het bewijs bestond uit diverse proces-verbalen van digitale recherche en Bureau Kinderporno, alsmede bekennende verklaringen van verdachte.
De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte deze feiten heeft gepleegd en verklaarde het overige niet bewezen. Gelet op de ernst van het feit, de aard van het materiaal en het feit dat verdachte een gewoonte maakte van het plegen van het misdrijf, werd een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier maanden met een proeftijd van twee jaar opgelegd, naast een werkstraf van 160 uur, met een vervangende hechtenis van 80 dagen bij niet-nakoming.
De rechtbank hield rekening met het lage recidiverisico en het ontbreken van een pedoseksuele voorkeur, maar benadrukte dat het verzamelen en vervaardigen van kinderporno het seksueel misbruik van kinderen in stand houdt en ernstige schade veroorzaakt. Verdachte werd vrijgesproken van meer of anders ten laste gelegde feiten dan bewezen verklaard.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier maanden en een werkstraf van 160 uur wegens bezit en vervaardiging van kinderpornografisch materiaal.