ECLI:NL:RBZUT:2011:BT7581
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Hooft
- Kleinrensink
- Ouweneel
- Rechtspraak.nl
Plaatsing verdachte in psychiatrisch ziekenhuis wegens ontoerekeningsvatbaarheid na poging zware mishandeling met heet water
Op 10 januari 2011 goot verdachte een kan met kokendhete thee/water over het hoofd en lichaam van een medebewoonster, wat leidde tot tweedegraads brandwonden. Hoewel de verdachte het feit bekende en opzet aannemelijk was, oordeelde de rechtbank dat het letsel niet als zwaar lichamelijk letsel kon worden aangemerkt en sprak verdachte vrij van het primair ten laste gelegde.
Psychiatrische rapporten stelden vast dat verdachte leed aan chronische schizofrenie en persoonlijkheidsstoornissen, waardoor zij volledig ontoerekeningsvatbaar was ten tijde van het delict. Verdachte verbleef reeds onder een rechterlijke machtiging in een psychiatrisch ziekenhuis, maar de rechtbank gelastte een strafrechtelijke plaatsing voor een jaar vanwege het gevaar op herhaling en mogelijke opheffing van de huidige machtiging.
De rechtbank verwierp het verweer van noodweer en het ontbreken van opzet. De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar schadevordering wegens ontbreken van een bedrag. Verdachte werd ontslagen van alle rechtsvervolging en de maatregel van plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis werd opgelegd.
Uitkomst: Verdachte wordt ontslagen van alle rechtsvervolging wegens ontoerekeningsvatbaarheid en geplaatst in een psychiatrisch ziekenhuis voor één jaar.