ECLI:NL:RBZUT:2011:BU3000
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Hooft
- Kleinrensink
- Heenk
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak primair tenlastegelegde en veroordeling voor verkeersovertreding met werkstraf en voorwaardelijke rijontzegging
Op 22 juni 2009 reed verdachte met een vrachtwagen met oplegger over de Rijksweg A1 nabij Apeldoorn. Tijdens het rijden raakte hij via de vluchtstrook de berm, waarna de combinatie in een slip raakte en tegen de middengeleider botste, met kanteling tot gevolg. Een passagier liep daarbij zwaar lichamelijk letsel op.
Verdachte werd primair ten laste gelegd dat hij roekeloos en aanmerkelijk onvoorzichtig had gereden in strijd met artikel 6 van Pro de Wegenverkeerswet 1994. Subsidiair werd hem overtreding van artikel 5 WVW Pro 1994 ten laste gelegd wegens het vervoeren van een passagier zonder zitplaats en het veroorzaken van gevaar op de weg.
De rechtbank oordeelde dat het primair tenlastegelegde niet wettig en overtuigend was bewezen, mede omdat tijdelijke onoplettendheid wegens het bedienen van de airco niet automatisch schuld in de zin van artikel 6 oplevert Pro. Wel werd het subsidiair tenlastegelegde bewezen verklaard. De rechtbank legde een werkstraf van 25 uur op en een voorwaardelijke rijontzegging van 4 maanden, rekening houdend met de ernst van het ongeval, het letsel van het slachtoffer, de persoonlijke omstandigheden van verdachte en de lange duur van de procedure.
De rechtbank sprak verdachte vrij van het primair tenlastegelegde en veroordeelde hem voor de overtreding van artikel 5 WVW Pro 1994. De straf is mede gebaseerd op de artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 91 Sr en artikelen 5, 177 en 179 WVW 1994.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van het primair tenlastegelegde en veroordeeld tot een werkstraf van 25 uur en een voorwaardelijke rijontzegging van 4 maanden voor het subsidiair tenlastegelegde.