ECLI:NL:RBZUT:2011:BU8506
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van Lookeren Campagne
- Rechtspraak.nl
Ontnemingsvordering wegens wederrechtelijk verkregen voordeel door besparing op leasekosten varkensrechten
De zaak betreft een ontnemingsvordering tegen de veroordeelde, die eerder is veroordeeld voor overtreding van artikel 19 van Pro de Meststoffenwet. De officier van justitie vorderde aanvankelijk een bedrag van €11.188,33 als wederrechtelijk verkregen voordeel, gebaseerd op besparingen op leasekosten van extra varkensrechten.
Tijdens de terechtzitting werd dit bedrag aangepast naar €10.938,13, omdat slechts eenmaal €250,- legesbesparing werd erkend. De berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel is gebaseerd op de leaseprijzen van varkenseenheden in 2009 en 2010, respectievelijk €19,82 en €19,87, en het aantal geleasede eenheden in die jaren.
De veroordeelde betoogde dat het hem geen rendement opleverde en dat hij door overheidsmaatregelen in een moeilijke positie verkeert. De rechter oordeelde echter dat het voordeel gelijkgesteld kan worden aan de bespaarde leasekosten en leges, en dat de leaseprijzen niet voldoende zijn bestreden.
De economische politierechter stelde het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €10.938,13 en legde de veroordeelde de verplichting op dit bedrag aan de Staat te betalen.
Uitkomst: De veroordeelde is verplicht €10.938,13 aan de Staat te betalen als ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.