ECLI:NL:RBZUT:2011:BV6250
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging huurovereenkomst en boedelvordering bij faillissement van huurder
De zaak betreft een geschil over de beëindiging van een huurovereenkomst tussen verhuurder en Vistacode B.V., die failliet werd verklaard op 4 augustus 2009. De verhuurder stelde dat de huurovereenkomst doorliep tot de curator deze per 31 december 2009 opzegde, terwijl de curator stelde dat de huurovereenkomst eerder was geëindigd door een overeenkomst van partijen en feitelijke oplevering.
De rechtbank onderzocht de correspondentie en afspraken tussen partijen, waaronder een overeenkomst van 9 juli 2009 waarin afspraken over ontruiming en finale kwijting waren vastgelegd onder ontbindende voorwaarden. De curator kon onvoldoende aantonen dat de huurovereenkomst daadwerkelijk was beëindigd vóór het faillissement, mede gelet op verklaringen dat het pand niet tijdig was ontruimd.
De rechtbank concludeerde dat de huurovereenkomst ten tijde van het faillissement doorliep en dat de curator deze pas per 31 december 2009 heeft opgezegd. De vordering van de verhuurder over de periode vanaf het faillissement tot de opzegging is daarom toewijsbaar als boedelvordering. De curator werd veroordeeld tot betaling van €30.005,- plus wettelijke rente en proceskosten.
Uitkomst: De huurovereenkomst liep door tot de curator deze opzegde per 31 december 2009; de vordering van verhuurder wordt toegewezen als boedelvordering.