ECLI:NL:RBZUT:2012:BV0324
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- K.H.A. Heenk
- R.M.A.G. van Valderen
- W.L.F. Prisse
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs schuld verkeersongeval met dodelijk slachtoffer
Op 24 juni 2010 vond op de Rijksweg A1 een ernstig verkeersongeval plaats waarbij de zwangere vriendin van verdachte en hun ongeboren kind om het leven kwamen. Verdachte werd ten laste gelegd dat hij onder invloed van softdrugs en met een te hoge snelheid had gereden, waardoor hij de controle over het voertuig verloor en het ongeval veroorzaakte.
Tijdens de terechtzitting op 22 december 2011 heeft de rechtbank de bewijsmiddelen en verklaringen beoordeeld. De snelheid van het voertuig kon niet met zekerheid worden vastgesteld; schattingen liepen uiteen van 136 tot 153 km/u, maar deze waren onvoldoende overtuigend. Ook was onduidelijk of het zicht belemmerd werd door mist, hoewel een lokale mistbank niet kon worden uitgesloten.
De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend kon worden bewezen dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan gevaarzetting of dood door schuld. De vermeende verkeersfouten, zoals het rijden over de redresseerstrook en berm, konden niet als oorzakelijk voor het ongeval worden vastgesteld. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van schuld aan het verkeersongeval met dodelijk slachtoffer.