ECLI:NL:RBZUT:2012:BW5063
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Prisse
- Van der Hooft
- Edelenbos
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs oplichting met levensverzekeringsovereenkomsten
De rechtbank Zutphen heeft op 20 maart 2012 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte die werd verdacht van oplichting met levensverzekeringsovereenkomsten. Verdachte werd ervan beschuldigd in de periode van maart 2005 tot februari 2006 met listige kunstgrepen de Goudse levensverzekeringen N.V. te hebben bewogen tot het uitkeren van provisie-ineens ter waarde van ongeveer 96.477,36 euro.
De verdediging voerde onder meer een niet-ontvankelijkheidsverweer aan wegens overschrijding van de redelijke termijn en willekeur bij vervolging. De rechtbank verwierp deze verweren op basis van jurisprudentie van de Hoge Raad en het ontbreken van feitelijke onderbouwing.
Uiteindelijk oordeelde de rechtbank dat niet wettig en overtuigend kon worden vastgesteld dat verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan, mede omdat niet kon worden vastgesteld dat het oogmerk van verdachte gericht was op alle elementen van de tenlastelegging. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van oplichting.