ECLI:NL:RBZUT:2012:BW5674
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Tj. Gerbranda
- E.G. de Jong
- J.L.W. Broeksteeg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslag zuiveringsheffing wegens onjuiste toepassing afvalwatercoëfficiënt
Eiseres, een visverwerkingsbedrijf, kreeg voor het jaar 2005 een navorderingsaanslag zuiveringsheffing opgelegd door verweerder, de heffingsambtenaar van Tricijn belastingen. De aanslag was gebaseerd op een onjuist en te laag waterverbruik en niet op de juiste afvalwatercoëfficiënt uit klasse 10 van artikel 22, derde lid, van de oude Wet verontreiniging oppervlaktewateren (Wvo).
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht een navorderingsaanslag mocht opleggen omdat het vermoeden bestond dat de oorspronkelijke aanslag te laag was vastgesteld. Verweerder had echter niet voldaan aan de tegenbewijsregeling van artikel 4 van Pro het Besluit vervuilingswaarde ingenomen water, waardoor de navorderingsaanslag onjuist was vastgesteld.
De rechtbank stelde het aantal vervuilingseenheden (ve) vast op 75,51, waarvan reeds 58 ve was geheven bij de primitieve aanslag. De navorderingsaanslag moest daarom worden verminderd tot 17,5 ve, wat resulteerde in een bedrag van € 1.028,65. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. Het beroep werd gegrond verklaard en de navorderingsaanslag verminderd.
Uitkomst: De navorderingsaanslag zuiveringsheffing 2005 wordt verminderd tot € 1.028,65 en het beroep wordt gegrond verklaard.