ECLI:NL:RBZUT:2012:BX2181
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Prisse
- Troost
- Knoop
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor onjuiste aangiften omzetbelasting door autohandelaar
De rechtbank Zutphen heeft op 3 april 2012 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van het medeplegen van het doen van onjuiste aangiften omzetbelasting over meerdere kwartalen in 2006 en 2007. Het onderzoek richtte zich op de vennootschap onder firma van verdachte en de betrokkenheid bij het opzettelijk te laag aangeven van omzetbelasting, waardoor de fiscus aanzienlijk werd benadeeld.
Het bewijs bestond uit uitgebreide administratieve documenten, waaronder facturen, auditfiles, verklaringen van een externe accountant en controles van de Belastingdienst. Er werden onregelmatigheden vastgesteld in factuurnummering en datums, het ontbreken van facturen in de administratie, en het niet afdragen van BTW-bedragen. Verdachte had een actieve rol in de aangiften en overleg met de fiscus, hoewel hij een ondergeschikte rol had binnen het samenwerkingsverband met medeverdachte.
De verdediging voerde aan dat het tenlastegelegde niet wettig en overtuigend bewezen kon worden en dat er geen opzet was. De rechtbank verwierp deze verweren en achtte verdachte strafbaar. Gelet op de ernst van het feit, de benadeling van de fiscus en de maatschappelijke impact, maar ook rekening houdend met de overschrijding van de redelijke termijn en het ontbreken van een strafblad, werd een gevangenisstraf van zes maanden opgelegd, waarvan de uitvoering werd uitgesteld, en een werkstraf van 200 uur.
De rechtbank verklaarde verdachte niet bewezen voor andere tenlastegelegde feiten en sprak hem daarvan vrij. De strafoplegging is gebaseerd op relevante artikelen uit het Wetboek van Strafrecht en de Algemene wet inzake rijksbelastingen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden en een werkstraf van 200 uur wegens medeplegen van het doen van onjuiste aangiften omzetbelasting.