ECLI:NL:RBZUT:2012:BY4232
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Cremers
- Rademaker
- Van Apeldoorn
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor ontuchtige handelingen met minderjarige en oplegging werkstraf
Verdachte, destijds 25 jaar, is veroordeeld voor het plegen van ontuchtige handelingen met een toen 14-jarig meisje, bestaande uit het betasten van haar borsten en schaamstreek. De rechtbank achtte het bewezen dat deze handelingen op 29 april 2006 in Oene, gemeente Epe, hebben plaatsgevonden. Verdachte heeft deze feiten bekennend verklaard, waardoor de rechtbank volstond met een beperkte bewijsvoering.
De rechtbank heeft een werkstraf van 40 uur opgelegd, met een subsidiaire maatregel van 20 dagen vervangende hechtenis. Bij de strafoplegging is rekening gehouden met het feit dat verdachte geen eerdere justitiële contacten had, het feit dat het strafbare feit lang geleden plaatsvond en voortkwam uit onhandigheid, en dat verdachte oprechte spijt toonde. De officier van justitie had een hogere straf geëist, maar de rechtbank vond een lagere straf passend gezien de omstandigheden.
De immateriële schadevergoeding aan het slachtoffer is vastgesteld op €500, omdat het causaliteitsverband met andere gezondheidsklachten onduidelijk was. De rechtbank verklaarde de benadeelde partij niet-ontvankelijk voor het meerdere aan immateriële en materiële schade. Verdachte is verplicht deze schadevergoeding te betalen aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer, met een dwangsom bij niet-betaling.
De rechtbank sprak verdachte vrij van meer of anders ten laste gelegde feiten. De strafoplegging is gebaseerd op de artikelen 22c, 22d, 27 en 247 van het Wetboek van Strafrecht. De uitspraak vond plaats op 27 november 2012 door de meervoudige kamer van de rechtbank Zutphen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van 40 uur, subsidiair 20 dagen hechtenis, en een immateriële schadevergoeding van €500 aan het slachtoffer.