Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar;
- vermindert de aanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 10.216;
- vermindert de beschikking heffingsrente dienovereenkomstig;
- veroordeelt de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende ten bedrage van € 19,04;
- gelast dat de inspecteur het door belanghebbende betaalde griffierecht van € 42 aan deze vergoedt.
2.Gronden
Het alsnog in aanmerking te nemen bedrag bedraagt ten hoogste 17% van de premiegrondslag, met een maximum van € 13 238”.Op grond van het derde lid van genoemd artikel is de premiegrondslag in het onderhavige geval het belastbaar inkomen over het jaar 2008 minus een bedrag van € 11.345 ofwel € 11.446. Het alsnog in aanmerking te nemen bedrag als zogenaamde reserveringsruimte bedraagt dan maximaal 17% van € 11.446 ofwel € 1.946. Gezien het vorenstaande kan belanghebbende op grond van de Wet het bedrag van € 7.825 niet in aftrek brengen.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;