Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
of omstreeks19 januari 2013 te Oosterhout ter uitvoering van het door
of
meermalen,
/ofop het gezicht en
/of op/tegen het(achter)hoofd heeft
/of
heeft geduwd en/oftegen het lichaam heeft getrapt en
/of
(waardoor die [slachtoffer] ten val kwam
)en
/of
)terwijl die [slachtoffer] op de grond lag
/of op/tegen het hoofd
en/of tegen het
/ofgestompt
en/of geslagen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
- begeleiding door de jeugdreclassering;
- deelname aan FFT bij de Viersprong;
- deelname aan een individuele behandeling bij de Viersprong;
- deelname aan TOPs! Onderwijs.
7.De benadeelde partij
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
:Medeplegen van poging tot doodslag
- veroordeelt verdachte tot
- bepaalt dat het voorwaardelijke deel van de straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast:
bijzondere voorwaarden:
- veroordeelt verdachte tot
- beveelt dat indien verdachte de werkstraf niet naar behoren verricht,
- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer] van € 1.305,76, waarvan € 305,76 ter zake van materiële schade en € 1.000,= ter zake van immateriële schade;
- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- bepaalt dat voorzover dit bedrag door één of meer mededaders is betaald, verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen; (BP.20)
- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer], € 1.305,76 te betalen en vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 19 januari 2013 tot aan de dag der algehele voldoening, bij niet betaling te vervangen door 26 dagen jeugddetentie, met dien verstande dat toepassing van de vervangende jeugddetentie de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat voorzover dit bedrag door één of meer mededaders is betaald, verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de Staat te betalen;
- bepaalt dat bij voldoening van de schadevergoedingsmaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd; (BP.04C)
BIJLAGE I: De tenlastelegging