ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ3311
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging sluitingstijd loempiakraam wegens onvoldoende motivering en onderbouwing
Het college van burgemeester en wethouders van Breda besloot de sluitingstijd van de loempiakraam van eiseres te vervroegen naar 02.00 uur, naar aanleiding van een politieadvies dat de kraam een verhoogd risico voor de openbare orde zou vormen. Eiseres maakte bezwaar tegen dit besluit en stelde dat het advies onvoldoende duidelijkheid bood over de rol van de kraam bij incidenten en dat de gekozen sluitingstijd niet goed was gemotiveerd.
De rechtbank oordeelde dat het advies van de politie niet op ambtseed was opgesteld en dat het overzicht van incidenten onvoldoende inzicht gaf in de relatie met de loempiakraam. Ook was onduidelijk waarom de sluitingstijd op 02.00 uur werd vastgesteld, terwijl de meeste incidenten na 03.00 uur plaatsvonden. Het college had onvoldoende rekening gehouden met het financiële belang van eiseres en de specifieke ligging van de kraam aan een uitvalsweg van het uitgaanscentrum.
Verder stelde de rechtbank vast dat het college wel bevoegd was het besluit te nemen, maar dat de motivering gebrekkig was doordat de gebruikte wettelijke grondslag niet juist was aangehaald. De rechtbank verklaarde het beroep van eiseres gegrond en vernietigde het besluit voor zover het de sluitingstijd betrof, en droeg het college op binnen zes weken een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd een voorlopige voorziening getroffen waardoor eiseres de kraam tot 03.00 uur mocht openhouden totdat het nieuwe besluit was genomen.
Uitkomst: Het besluit om de loempiakraam om 02.00 uur te laten sluiten wordt vernietigd en het college moet een nieuw besluit nemen met betere motivering.