ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ7285
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen administratiekosten bij verkeersboete
Betrokkene maakte bezwaar tegen de opgelegde administratiekosten van €6,- bij een verkeersboete wegens overschrijding van de maximumsnelheid. Hij stelde dat het opleggen van administratiekosten een besluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht en dat hij daarom ontvankelijk moest worden verklaard in zijn beroep.
De kantonrechter overwoog dat artikel 6 WAHV Pro alleen betrekking heeft op beroep tegen de administratieve sanctie zelf en niet tegen administratiekosten. De administratiekosten worden geregeld door de wet- en regelgeving en zijn een uitvoeringshandeling, geen voor beroep vatbare beschikking.
Verder wees de kantonrechter het verweer af dat de kosten van tenuitvoerlegging voor rekening van de overheid moeten komen, omdat de wetgever hiervoor uitzonderingen kent in het Wetboek van Strafrecht en de Wet op de economische delicten.
De kantonrechter volgde het arrest van het gerechtshof Leeuwarden dat deze regeling niet in strijd is met verdragsbepalingen. Daarom werd het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard, de eerdere beslissing vernietigd en het administratief beroep niet ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de opgelegde administratiekosten wordt niet ontvankelijk verklaard.