ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ9825
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Peeters
- Van Kralingen
- Van der Linden
- Rechtspraak.nl
Werkgever veroordeeld voor onvoldoende maatregelen ter voorkoming van zware ongevallen met gevaarlijke stoffen
Op 5 december 2011 vond bij de onderneming van verdachte een incident plaats waarbij door een foutieve stofwisseling een ongewenste chemische reactie ontstond, leidend tot een temperatuur- en drukverhoging en het falen van een mangatdeksel van een meng- en doseertank. De rechtbank oordeelt dat verdachte als werkgever onvoldoende maatregelen heeft getroffen om zware ongevallen te voorkomen en de gevolgen daarvan voor mens en milieu te beperken, in strijd met het Besluit risico's zware ongevallen 1999 (Brzo).
De rechtbank stelt vast dat het veiligheidsbeheerssysteem niet voldeed aan de eisen van het Brzo, met name omdat risico's van mogelijke inter-reactiviteit van stoffen niet waren onderzocht, procedures en werkinstructies niet schriftelijk waren vastgelegd of onvoldoende gecommuniceerd, en betrokkenen niet regelmatig werden getoetst op kennis of controle op naleving van werkinstructies ontbrak. Hoewel verdachte een veiligheidsbeheerssysteem had geïntegreerd in het preventiebeleid, was dit onvoldoende.
De verdediging voerde aan dat er geen zwaar ongeval had plaatsgevonden en dat de maatregelen adequaat waren, maar de rechtbank oordeelt dat het Brzo zich richt op het risico van zware ongevallen, niet op het feit dat een zwaar ongeval daadwerkelijk moet plaatsvinden. Verdachte is strafbaar wegens overtreding van artikel 6 van Pro de Arbeidsomstandighedenwet en wordt veroordeeld tot een geldboete van €5.000, zonder voorwaardelijk deel, rekening houdend met de ernst van het feit, de serieuze veiligheidsinspanningen en het blanco strafblad van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €5.000 wegens het niet treffen van alle noodzakelijke maatregelen ter voorkoming van zware ongevallen met gevaarlijke stoffen.