ECLI:NL:RBZWB:2013:CA3085
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Navordering inkomstenbelasting en vergrijpboete bij koeriersactiviteiten
Belanghebbende, werkzaam als koerier, kreeg een navorderingsaanslag opgelegd over het jaar 2008 na een boekenonderzoek waarin correcties werden vastgesteld. De inspecteur had ruim vóór de primitieve aanslag schriftelijk medegedeeld dat de aanslag onjuist was vanwege niet verwerkte correcties uit het boekenonderzoek.
De rechtbank oordeelt dat navordering geoorloofd is op grond van artikel 16 AWR Pro, mede omdat belanghebbende op de hoogte was van de misslag voorafgaand aan de primitieve aanslag. De inkomsten uit het koerierswerk worden aangemerkt als winst uit onderneming, waardoor belanghebbende recht heeft op zelfstandigenaftrek en MKB-winstvrijstelling.
De aanslag wordt verminderd tot een belastbaar inkomen uit werk en woning van €19.480. De vergrijpboete van 50% wordt dienovereenkomstig verminderd, omdat het boeteregime van de primitieve aanslag geldt. De rechtbank stelt dat de boete passend is vanwege opzet bij onjuiste administratie. Tevens wordt de inspecteur veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht wordt aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: Navorderingsaanslag en vergrijpboete worden verminderd, navordering geoorloofd en inkomsten uit koerierswerk als winst uit onderneming erkend.