ECLI:NL:RBZWB:2015:1458
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Trippenzee-Braaksma
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek toelating wettelijke schuldsaneringsregeling wegens niet te goeder trouw handelen
Verzoekster heeft samen met haar zus een bloemenzaak overgenomen die verlies leed door onjuiste jaarcijfers en niet nagekomen toezeggingen van de voormalige werkgever. Ondanks de slechte financiële situatie is een nieuwe huurovereenkomst aangegaan, waarvan slechts één maand huur is betaald. De onderneming is in mei 2013 opgeheven.
De rechtbank stelt vast dat verzoekster is opgehouden te betalen en schulden heeft laten ontstaan van ruim €47.000, waaronder een grote vordering van de verhuurder. De wettelijke schuldsaneringsregeling kan alleen worden toegewezen als verzoekster te goeder trouw is geweest bij het ontstaan van de schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek.
De rechtbank oordeelt dat verzoekster niet te goeder trouw heeft gehandeld, omdat zij geen formele afspraken had gemaakt over de toezeggingen van de voormalige werkgever en ondanks verliesgevende resultaten nieuwe huurverplichtingen is aangegaan die zij niet kon nakomen. Ook het verweer dat de verhuurder zijn schadebeperkingsplicht zou hebben geschonden, leidt niet tot een ander oordeel.
Bijzondere omstandigheden die tot toelating zouden kunnen leiden zijn niet gebleken. Het verzoek wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens niet te goeder trouw handelen.