Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar en de navorderingsaanslag;
2.Gronden
- een aanslag naar een verkrijging van € 4.358.027 op grond van artikel 37, eerste lid, van de Successiewet 1956 (SW) (tekst 2002 en hierna: de gewone aanslag);
- een conserverende aanslag naar een verkrijging van € 3.103.509 op grond van artikel 37, tweede lid, van de SW (hierna: de conserverende aanslag).
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;